Na de burn-out #8: ‘Signaleer onrust al tijdens het tandenpoetsen’

Opgefokt wakker worden. Voor Freek van Kraaikamp was het ‘business as usual’. Nu, een burn-out verder, is hij zich beter bewust van de gevarenzone. En kan hij gedurende de dag slimme hulpbronnen aangrijpen om erger te voorkomen.

Mijn hoofd, dat is waar het allemaal begon. Daarna volgden de pijn in mijn nek en de steken in mijn slapen. De rusteloze benen. Trilhanden en misselijkheid. Maar aan de basis van al die fysieke ongemakken lag mijn eigen koppie. Of beter gezegd, de onrust in mijn koppie.

In het korte tijdsbestek tussen het afgaan van mijn wekker en het poetsen van mijn tanden, voel ik al aan wat voor dag het gaat worden. Die opties kunnen variëren van lekker ontspannen en creatief door mijn dag glijden. Tot opgefokt, met horten en stoten door de dag botsen.

Rampen voorkomen

Hoe het opstaan gedurende een heerlijke dag eruit ziet, dat laat zich raden. Daar gaat alles heel ontspannen, haast gedachteloos. Maar een mindere dag herkennen, dat heb ik moeten leren. Laat staan hoe ik daarnaar moet handelen. Door schade en schande weet ik nu hoe ik een rampdag bewust kan voorkomen.

Ik vergelijk het weleens met een botsauto. Daar zit namelijk geen rem op. De enige manier om bij te sturen of te stoppen is: *bots*. Of zie het, als we in de voertuigen blijven, als een auto die met een kilometertje of 180 over de snelweg raast. Zolang je rechtdoor gaat red je het nog wel. Maar als je moet corrigeren, is de kans groot dat je het voertuig niet meer onder controle hebt, gaat slingeren en als je een beetje pech hebt: crasht.

Wekker uit, inbox in

Soms vraag ik me af of ik me er voor mijn burn-out niet bewust van was, het niet herkende, of niet machtig genoeg was er iets aan te doen. Waarschijnlijk was het een combinatie van alles. Mijn onrustige hoofd in de ochtend, dat heb ik moeten leren kennen en herkennen. Ik ben nu eenmaal een impulsief mannetje, tegen het opgefokte aan. Daar is niets mis mee, dat is deels mijn kracht. Maar ook mijn zwakte.

Op een ‘botsdag’ word ik wakker en ben ik ook direct wakker. Niet lijfelijk, maar in mijn hoofd. Dan sta ik direct ‘aan’. Niet snoozen, niet draaien. Maar direct de wekker uit en mijn inbox in. Geen krant, geen koffie. Bed uit, water in het gezicht en tandenpoetsen. Dat is, heb ik geleerd, het moment om de ‘botsdag’ definitief te herkennen.

Tijdens het tandenpoetsen is er namelijk niets anders dan jij, je tandenborstel en je gedachten. En dan begint mijn hoofd meestal te malen. Dan schieten de A, B en C-scenario’s door mijn hoofd. Wat is mijn back-up plan als het mis gaat? In mijn hoofd voer ik al de gesprekken die ik later op de dag moet voeren. Op dat moment kan ik niet anders dan onderkennen dat het een ‘botsdag’ is. En dat ik daarop moet gaan anticiperen.

Ergens tegenaan knallen

Als ik dat niet doe, knal ik de deur uit, en uiteindelijk ergens tegenaan. Dat kan een klant zijn, een collega, iemand op de fiets of als ik die avond weer thuis kom mijn vriendin. De ervaring leert dat de ‘bots’ altijd komt. Zo’n dag werkt namelijk ook met een piek. Je knalt in volle vaart een berg op, naar een moment toe. Maar als je dat moment, die piek, eenmaal hebt gehad, zet je de daling weer in. En dat gaat vaak ook weer in een razende vaart, met alle gevolgen van dien.

Sein op rood

Het herkennen en anticiperen lukt me niet altijd, en het hoort ook een beetje bij mij. Zie het als de collateral damage van het Freek-zijn. Maar sinds de burn-out leer ik de signalen van mijn hoofd wel steeds beter herkennen. En als het sein op rood staat, probeer ik hierop te anticiperen. Dan bouw ik ‘rustmomenten’ in om de vaart uit mijn dag te halen, lunch ik extra lang als de agenda dat toelaat, plaats ik waarschuwingsborden met slipgevaar in mijn omgeving, en tracht ik op mijn toon en nuance te letten. Want daar heb ik dan allemaal natuurlijk geen tijd voor. Want ik moet door, door, door.

‘Botsdagen’ zullen er altijd zijn, en dat is ook niet erg. Dat is namelijk wie ik ben. Eigenlijk is mijn hele leven in meer of mindere mate een ‘botsdag’. Alleen moet ik de heftigste daarvan leren (her)kennen, om de schade te beperken.

Je kunt niet altijd veranderen wie je bent, maar wel hoe je ermee omgaat.

Doorbreek patronen die jou in de weg staan


Loop je regelmatig in dezelfde valkuilen? Ontdek dan persoonlijke coaching. Samen met je coach werk je aan de patronen die jou belemmeren. De coach houdt je een spiegel voor en geeft je de inzichten en adviezen die je nodig hebt.

Bekijk Persoonlijke coaching