Ga naar het hoofdmenu Ga naar de inhoud

5 tips om direct aan de slag te gaan met vitaliteitscoaching op de werkvloer.

Thema: Vitaliteit, stress en werkdruk
Rubriek
Artikel
Datum
10 februari 2020
3 minuten leestijd

Je collega zit al een tijdje niet zo lekker in zijn vel en hij slaapt niet goed. Hoe kan je hem ondersteunen? En hoe kan je anderen ondersteunen om zich vitaler te voelen? Je hoeft niet meteen vitaliteitscoach te zijn om al aan de slag te gaan met het ondersteunen van collega’s. Met deze coachtips van vitaliteitscoach Moniek Janssen, kun je direct al aan de slag.

1. Toon oprechte betrokkenheid.

Kies een goed moment om met je collega in gesprek te gaan. Nodig hem uit om samen een kop koffie te gaan drinken. Geef aan dat je de indruk hebt dat het niet zo goed met hem gaat en probeer dit zo specifiek mogelijk te doen. Zeg bijvoorbeeld: ‘Ik merk dat je tegenwoordig hele lange werkdagen maakt, gehaast overkomt en geen pauzes neemt’. Ben daarna eens stil. Waarschijnlijk voelt je collega zich uitgenodigd om te vertellen. Het kan enorm opluchten als de ander zijn verhaal kan doen.

Je kunt ook een open vraag stellen zoals: ‘Hoe gaat het nu echt met je?’. Mocht je collega er niet over willen praten dan is dat natuurlijk zijn goed recht en zal hij iets antwoorden als ‘Het gaat prima hoor’. Ben even stil, misschien heeft hij even tijd nodig om over de brug te komen, maar dring niet aan.

2. Luister actief.

Als de collega zijn verhaal vertelt, is actief luisteren het belangrijkste. Non-verbaal merkt de ander of je echt luistert. Maak oogcontact en knik instemmend. Hij voelt of je écht tijd en aandacht aan hem besteedt. Benoem af en toe in het kort wat je hebt gehoord: ‘Als ik jou goed beluister is de werkdruk al lang erg hoog’. Stel krachtige vragen als: ‘Wat zou je het liefste willen?’. En als dat niet haalbaar is: ‘Wat zou voor jou een acceptabele situatie zijn?’.

3. Exploreer samen de situatie.

Stel vragen die de situatie verduidelijken. ‘Wat is hetgeen dat jou het meeste dwars zit?’, ‘Hoe lang speelt dit al?’, ‘Wanneer was de werkdruk wel in orde?’, ‘Wat was er toen anders dan nu?’.

Onderzoek samen mogelijkheden om de situatie te verbeteren maar geef geen advies. Je collega heeft meer aan iemand die echt meedenkt dan iemand die zegt: ‘Als ik jou was zou ik...’. Als je collega behoefte heeft aan advies zal hij dat vanzelf vragen.

4. Bied duidelijk hulp aan.

Je kunt bijvoorbeeld zeggen dat je het vervelend vindt dat je collega een grote werkdruk ervaart en dat je hem graag wilt helpen. Een vraag als ‘Wat kan ik voor je doen?’ werkt beter dan de opmerking ‘Als ik iets voor je kan doen dan hoor ik het wel hè’. Natuurlijk is het niet de bedoeling dat je alles van de collega overneemt waardoor jouw werkdruk omhoog schiet. Het gaat erom dat je oprechte  bereidheid toont de ander te helpen. Misschien is hij geholpen als jullie samen een gesprek met de manager voorbereiden. Of kan hij hulp gebruiken bij het stellen van prioriteiten. Misschien kunnen jullie bepaalde taken ruilen, zodat je beiden doet wat je het beste ligt, etc.

5. Stimuleer de ander om goed voor zichzelf te zorgen.

Geef het goede voorbeeld door bijvoorbeeld een wandeling te maken tijdens de lunchpauze en probeer de ander te ‘verleiden’ met je mee te gaan.

Wil je na deze 5 tips een verdiepingsslag maken en als expert Vitaliteitscoach aan de slag? Sluit dan aan bij de training ‘Vitaliteitscoach’, gegeven door Moniek Janssen.

Bekijk de training