Constructief en destructief leiderschapsgedrag
Toch is er wel één overduidelijke verdeling te benoemen als je naar het gedrag kijkt, vertelt Kimberley. “Je kunt een duidelijk onderscheid maken in constructief en destructief leiderschapsgedrag. Als je constructief of helpend gedrag vertoont, dan heb je oog voor zowel de medewerkers als voor het bereiken van de organisatiedoelen, zegt Breevaart. “Hoe je dat doet, kan op veel manieren.” Met destructief leiderschap daarentegen “verlies je een of beide uit het oog.”
Andere stijl van leidinggeven: Met meer oog voor individu
Gelukkig is destructief leiderschapsgedrag ook niet het soort leiderschap wat we graag zien. Welke manieren van leidinggeven zien we dan liever? De focus begint te veranderen, vertelt Breevaart. “Je ziet steeds meer een verschuiving van inspirationeel of transformationeel leiderschap, naar een focus op een meer individuele benadering”, benadrukt ze.
Dat betekent dat er steeds meer oog is voor de mens achter de werknemer zelf en het versterken van talenten en kwaliteiten. “We kijken bij deze individuele benadering naar de specifieke kwaliteiten van elke werknemer, en wat je als leidinggevende kunt doen om deze te benutten.”
Er is geen wetenschappelijk antwoord op waarom deze verschuiving plaatsvindt, maar we zien dat er steeds meer aandacht is voor het welzijn van medewerkers. Maatschappelijke veranderingen zoals hoge burn out-cijfers en COVID-19 dragen hier zeker aan bij.
Breevaart: “Maar hoe we het welzijn van werknemers kunnen vergroten, verschilt per persoon. De een leefde tijdens de coronapandemie bijvoorbeeld op van thuiswerken, terwijl de ander er bijna aan onderdoor ging.” Aandacht voor deze individuele behoeften vraagt als leider om een nieuwe set skills.
Blijf je leiderschapsstijl ontwikkelen
Oog voor het welzijn van de mensen en een focus op een individuele benadering. Dat klinkt bijna als een coach? Breevaart: “Klopt. Coachen is een vak apart, maar het is aan te raden hier wel aan te werken. Het is echt belangrijk om die coachrol te kunnen dragen om je mensen te ondersteunen.”
Luisteren, motiveren, activeren. Niet iedereen heeft deze skills van nature, maar je kunt ze wel aanleren. Door er actief mee bezig te zijn en trainingen te volgen, kun je namelijk een groot verschil maken.
Breevaart: “Er zijn zelfs technieken waarvan we weten dat anderen jou inspirerender vinden als je die inzet.” Ze is ervan overtuigd dat leiderschap je niet per se van nature goed hoeft af te gaan. Je kunt het zeker ontwikkelen. “Een deel is aangeboren, meent Breevaart, “maar dat betekent niet dat je nooit kan leren om een goede leider te zijn.”
Durf als leidinggevende ook om feedback te vragen
Breevaart sluit af met een belangrijke tip voor leiders die zich bekommeren om het welzijn van hun medewerkers: blijf feedback vragen. Want juist als je meer ervaring hebt, kijk je soms minder vaak in de spiegel. Hoe doe je dat?
“Vraag het aan mensen waarvan je weet dat ze je de waarheid durven te zeggen, en let ook op de manier waarop je het vraagt.” Het helpt om je team de ruimte te geven om hun feedback eventueel anoniem met je te delen. Ook de timing van jouw vraagstelling is volgens Breevaart belangrijk. ‘Vraag er bijvoorbeeld niet om tijdens hun eigen beoordelingsgesprek.”